door Jos Teunissen
‘Wie wat verraaid krijgt de kogel.’ De 13-jarige Tom Wieringa wilde naar Engeland ‘om voor het vaderland te vechten’ en schreef een afscheidsbrief aan zijn ouders, broer Jos en ‘opoe’. Bleef het bij fantasie?
Op de Schenkweg 314 in Den Haag woont bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog het gezin Wieringa: vader Tiemen (42) , moeder Stephana Schuitema (46), hun kinderen Jos (16) en Tiemen Ite (‘Tom’, 13) en een inwonende oma (‘opoe’). Tom is op 10 november 1926 in Groningen geboren. In 1928 is het gezin naar Den Haag verhuisd en in 1939 op de Schenkweg gaan wonen.
Blijkens het dagrapport van de Haagse politie van 8 oktober 1940 verzoekt vader Tiemen de politie die dag om ‘opsporing en terugbrenging’ van zijn zoon Tom. De dienstdoende agent noteert: ‘De jongen liet een brief achter dat hij met twee Engelschen matrozen naar Engeland ging. Fantast?!!’
De brief wordt bij het dagrapport bewaard in het Haags Gemeentearchief. Tom schrijft:
‘Lieve vader en moeder en Jos en opoe,
Ik ga naar Engeland. Ik heb kennis gemaakt met twee Engelse piloten waarvan een goed Hollands sprak. Op die dagen dat ik gespijbelt heb behalve gister ben ik naar hun toe geweest. (…) Wie wat verraaid krijgt de kogel, een browning heb ik met .42 kogel, voor een tijdje genoeg. Brieven stuur ik in een fles. Tot ziens allemaal Uw liefe Tom reisgeld heb ik gekregen.
PS Helemaal niet om de verloren tijd in te halen, maar om voor het vaderland te vechten.’

Opmerkelijk: in het rapport van de politie is sprake van ‘matrozen’, maar in zijn briefje heeft Tom het over ‘piloten’. Wellicht is zijn fantasie met hem op de loop gegaan of heeft hij stoer willen doen en van matrozen ‘Engelse piloten’ gemaakt. Over zijn voornemen naar Engeland te gaan heeft hij blijkbaar goed nagedacht. Hij heeft de route via België en Frankrijk voor ogen (‘Vanavond gaan we naar (…) in Brabant’ en beseft dat verraad op de loer ligt: hij neemt naar zijn zeggen een pistool mee, een ‘Browning’ nog wel.
Waarschijnlijk is het nooit tot een echte Engelandvaart van Tom gekomen. In het politierapport is namelijk later in rood deze aantekening gemaakt: ‘Terecht’. Wel bewijst zijn brief dat al aan het begin van de bezetting vrij algemeen bekend was dat sommige Nederlanders probeerden naar Engeland te gaan met het doel de strijd tegen de bezetter voort te zetten.
Vooralsnog is de jongst bekende Engelandvaarder William van Remundt; hij was 15 jaar en drie maanden toen hij naar de vrije wereld reisde.
Met dank aan Ronald Klomp, Stichting WO2 Sporen
[
Stichting WO2 sporen
[
Boekbesprekingen
](/boekbesprekingen)
[
Museumcollectie digitaal
](/collectie)