Door Agnes Dessing
Er was één vrouwelijke Engelandvaarder die het schopte tot adjudant van koningin Wilhelmina. Haar naam was Rie Knapper, ook wel Rie Stokvis-Knapper genoemd, naar de man met wie zij in 1944 in het huwelijk trad.
Op deze foto, genomen op 2 mei 1945 bij het stadhuis van Breda prijkt zij samen met haar twee mannelijke collega-adjudanten, Peter Tazelaar (links) en Erik Hazelhoff Roelfzema (rechts). Met zijn drieën begeleidden zij de koningin in de eerste weken na haar terugkeer in Nederland.
Hazelhoff werd door zijn boek Soldaat van Oranje, dat in de jaren 70 van de vorige eeuw verfilmd werd en al decennia onderwerp is van een musical de bekendste Engelandvaarder van Nederland. Tazelaar, die veel heldendaden heeft verricht, die in Soldaat van Oranje aan Hazelhoff en een fictief persoon worden toegeschreven, was wars van publiciteit en bleef lang in de schaduw. Sinds de in 2025 verschenen biografie Spion in smoking die historicus Victor Laurentius over Tazelaar schreef, is ook deze Engelandvaarder (Tazelaar)een bekende Nederlander. Maar wie was Rie Knapper?

v.l.n.r. Peter Tazelaar, Rie Stokvis-Knapper en Erik Hazelhoff Roelfzema
Jonge jaren
Maria Knapper werd geboren op 14 mei 1903 in Amsterdam. Haar vader was arts. Ze had twee broers, waarvan er een ook arts werd en de ander tot ingenieur werd opgeleid. Marie of kortweg Rie had een meer kunstzinnige interesse. Na de middelbare school volgde zij een opleiding aan het instituut voor Kunstnijverheid, waar zij in 1928 eindexamen deed. Om haar opleiding compleet te maken ging ze een jaar naar het buitenland en bezocht Engeland, Frankrijk en Duitsland.
Terug in Amsterdam huurde zij een atelier in de Kerkstraat en legde zich toe op kunstweverij. Ze had daar veel succes mee. Sommige van haar werken werden zelfs in het Stedelijk Museum tentoongesteld.
In 1932 trad Rie Knapper in het huwelijk met G.J. van der Wal, ingenieur, en verhuisde met hem naar Wassenaar. In 1936 besloot het echtpaar uit elkaar te gaan. Rie keerde terug naar Amsterdam en huurde opnieuw een atelier (nu in de Zomerdijkstraat) voor kunstweverij en woninginrichting. Vanaf nu noemde zij zich binnenhuisarchitecte. De zaken liepen echter minder goed dan voorheen. Daarom werd zij in april 1939 reisleidster voor de Gesellschaft für akademische Reise, gevestigd in Zürich. Ze leidde een groep van 30 mensen op een reis door Griekenland. Vanaf september 1939 ging zij werken als hulpverpleegster in het Burgerziekenhuis, waar haar broer chirurg was.

KNAPPER uitnodiging 1930
Uitbreken van de oorlog
Eind april 1940 ging ze, hoewel haar dat vanwege de oorlogsdreiging door vrienden zeer werd afgeraden, opnieuw naar het buitenland, dit keer op vakantie Ze had het jaar daarvoor als reisleidster kennisgemaakt met een man op Corfu, die ze heel graag wilde terugzien. Ze was nog maar vier dagen op Corfu toen zij hoorde dat de Duitsers op 10 mei 1940 Nederland waren binnengevallen.
Ze besloot onmiddellijk te vertrekken, reisde met veel moeite via Italië naar het Franse Lyon. Ze wilde eigenlijk dienst nemen bij het Franse Rode Kruis, maar werd geweigerd omdat ze een buitenlandse was. Daarop vertrok ze naar Parijs. De dag na haar aankomst (14 juni 1940) trokken de Duitsers de stad binnen. Dit deed haar besluiten noordwaarts te trekken. Fietsend en meeliftend met Duitse vrachtwagens bereikte ze Brussel en vervolgens Den Haag. Eind juni 1940 was zij terug in Amsterdam.
Blijkbaar wilde degene die haar in Londen verhoorde weten waarom ze ervoor had gekozen terug naar Nederland te gaan. Het antwoord van Rie was, dat ze geloofde dat de oorlog binnen een paar maanden afgelopen zou zijn. En verder kon zij zich niet voorstellen dat Engeland alleen stand zou houden.
Naar Engeland
In het najaar van 1940, toen bleek dat Engeland wel degelijk alleen standhield, besloot ze om zo spoedig mogelijk naar Engeland te komen om daar iets te doen voor de bevrijding van Nederland.
Via een kennis van het reisgezelschap dat zij in 1939 door Griekenland had geleid, kreeg Rie een valse Belgische identiteitskaart en, heel belangrijk, contacten. Ze vertrok op 19 oktober 1941 zoals ze juni 1940 was teruggekomen: met de fiets. Ze kwam makkelijk over de grens bij Baarle -Nassau en bereikte Brussel. Van hier ging ze met een passeur naar Lille, over de demarcatielijn en naar Parijs.
Identiteitsbewijs voor het Noorse schip waarmee Rie Knapper naar Engeland voer
Onderweg werd ze diverse keren gearresteerd, waarna haar “résidence forcee” werd opgelegd. Dat wilde zeggen dat ze in een café of klein hotel moest blijven en niet verder mocht reizen. Op 3 januari 1942 was ze in Macon en kreeg toestemming om naar Nice te reizen.
Hier aangekomen was haar geld op en verkocht zij een gouden kies. In Monte Carlo kreeg ze van ene dokter Van Tricht, broer van Generaal A.G. van Tricht, militair attaché in Bern, een attest dat zij wegens zieke longen moest kuren in Evian, Zwitserland. Eind februari 1942 was Knapper in Annemasse en wandelde van daaruit in het donker de Zwitsers grens over.
Eenmaal aan de Zwitserse kant werd zij direct gearresteerd en weer in “résidence forcée’ geplaatst. Maar Generaal van Tricht in Bern was via zijn broer op de hoogte van haar komst en zorgde dat zij snel vrij kwam en in een hotel werd ondergebracht. Ook in Zwitserland moest zij weer maanden wachten. Het goede nieuws was echter dat zij kon deelnemen aan een konvooi van Nederlandse vluchtelingen en Engelandvaarders dat legaal vanuit Genève naar Barcelona mocht reizen. Dit was het resultaat van de inspanningen van de Regeringscommissaris voor de Vluchtelingen, Van Lidth de Jeude, die voor elkaar had gekregen dat enkele honderden Nederlanders (joodse vluchtelingen én Engelandvaarders) uit Vichy-Frankrijk en Zwitserland legaal naar Spanje mochten worden geëvacueerd.
Op 2 juli 1942 vertrok Rie Knapper naar Barcelona. Vandaar ging het naar Bilbao waar de leden van het konvooi aan boord gingen van het s.s. Cabo de Hornos naar Curaçao. Op 25 augustus 1942 bereikten ze dit Nederlands grondgebied overzee. Ook hier dreigde weer een lange wachttijd, omdat de Nederlandse militaire autoriteiten op Curaçao niet waren ingesteld op een vrouw bij het konvooi, dat verder uitsluitend uit (dienstplichtige) mannen bestond. Het begon er al mee dat er geen hotelkamer voor haar geregeld was.
‘Toen ik op Curaçao aankwam,’ vertelt Rie in het verslag ‘…werd voor alle militairen gezorgd, maar niemand bekommerde zich om mij. Er was geen hotelkamer besproken en gelukkig mocht ik van boord af met een auto meerijden naar de stad….’
Maar een hotelkamer vond ze niet, zodat Rie de eerste nacht op Curaçao in een soort Zeemanshuis moest slapen. Later kreeg ze wel een hotelkamer, maar ze ontdekte dat die betaald werd door enkele particulieren op het eiland (onder wie de directeur van Shell), terwijl die kamer in haar visie door de overheid betaald moest worden.
Aankomst in Engeland
Knapper sprak diverse militaire kopstukken op het eiland over haar passage naar Engeland, maar men wilde niets voor haar doen en behandelde haar zeer onhebbelijk, zo meldde ze later in Londen.
Dus moest zij zelf initiatieven ontplooien voor de verdere reis en dat deed ze vol overgave. Ze monsterde als stewardess aan op een Noors tankschip dat New York als bestemming had. Helaas werd zij door de autoriteiten van boord gehaald omdat men het te gevaarlijk vond voor een vrouw. Op 19 september 1942 lukte het haar wel op een ander Noors schip, geladen met dynamiet en graan. Met dit schip kwam zij op 20 november in Liverpool aan, 13 maanden na haar vertrek uit bezet Nederland.
Blijkbaar had Rie Knapper zichzelf aangeboden voor de opleiding tot geheim agent, want aan het einde van het verhoorverslag gaf de ondervrager een oordeel over haar geschiktheid voor deze functie. Hij vond haar een zonder twijfel politiek betrouwbare dame, die zeer energiek om niet te zeggen dynamisch was. Maar ze was volgens hem niet geschikt als geheim agente, omdat ze ten 1e nogal veel praatte en ten 2e ‘…ontbrak het haar, voornamelijk aan de seksuele kant, het volkomen evenwicht dat voor zo’n missie noodzakelijk is’. Misschien had degene die Knapper verhoorde door haar verhaal over de man op Corfu de indruk gekregen dat ze nogal snel verliefd werd. In ieder geval een nogal curieuze, vrouwonvriendelijke opmerking.
Geheim agent werd Knapper dus niet. Hoe ze wél werd ingezet voor de geallieerde oorlogvoering leest u in de volgende aflevering.
[
Vrouwelijke Engelandvaarders
](/engelandvaarders/vrouwelijke-engelandvaarders)
[
Boekbesprekingen
](/boekbesprekingen)
[
Routes
](/engelandvaarders/routes)