“Zo raken we al onze secretaresses en typistes kwijt!“

“Zo raken we al onze secretaresses en typistes kwijt!“

Op 17 december hield Agnes Dessing in het museum een lezing over vrouwelijke Engelandvaarders. Agnes, die in 2004 een promotieonderzoek over Engelandvaarders heeft afgerond, gaf in een humorvol verhaal een aardig inkijkje in wat vrouwelijke Engelandvaarders zoal hebben meegemaakt.

Voor een aandachtig publiek van bijna veertig mensen ging Agnes eerst in op de vraag waarom er maar zo weinig vrouwelijke Engelandvaarders zijn: in haar promotieonderzoek 48 van de 1700 Engelandvaarders. Hoofdoorzaken volgens haar zijn: de maatregelen van de Duitsers (met uitzondering van de maatregelen tegen de Joden) golden niet voor vrouwen en vrouwen zagen voor zichzelf geen rol weggelegd (er bestond immers geen dienstplicht voor vrouwen).

Van sommige vrouwelijke Engelandvaarders is hun motivatie om naar Engeland te gaan bekend: ze wilden, net als de mannen, vechten

agnes dessing

Bijvoorbeeld Ida Veldhuyzen van Zanten. Ida heeft tweemaal een poging over de Noordzee gedaan en is uiteindelijk via Spanje en Portugal in Engeland terechtgekomen. Daar heeft ze de rest van de oorlog vliegtuigen van de fabriek naar luchtmachtbases gevlogen. Meedoen aan de strijd in de lucht mocht niet, die was voorbehouden aan mannen.

Rond de twintig waren de zussen Carla en Babs Musaph, toen ze eveneens via de zuidelijke route naar Engeland gingen. In hun reisverslag schreven ze: “We hebben vier grenzen illegaal overschreden, we hebben gevochten voor ons ideaal en hopen dat onze beloning zal zijn dat we mee kunnen helpen in de grote strijd voor de eindoverwinning. Leve de Koningin!” Als vrouw alleen reizen was niet makkelijk, merkten ook de beide zussen toen ze tijdens hun reis met een handtastelijke cafébaas te maken kregen. Nuchter schreven ze in hun reisverslag: “Door flink optreden werd dit in de kiem gesmoord”.

Ida Veldhuyzen van Zanten

Babs Musaph

Vrouwelijke Engelandvaarders leden evenveel ontberingen en tegenslagen onderweg als hun mannelijke collega’s. Zo werd Josepha Mendels, journalist en schrijfster, midden in de Pyreneeën door haar “passeur” bestolen van al haar geld plus het manuscript van haar eerste boek en vervolgens door die passeur in de steek gelaten Ze heeft dagenlang zonder eten en drinken door de bergen gezworven tot ze uiteindekijk op eigen kracht Spanje bereikte.

Eenmaal in Engeland kwamen de meeste vrouwelijke Engelandvaarders terecht in een kantoorbaan. Voor vaak dodelijk saai werk. Ellis Brandon bijvoorbeeld ging op het ministerie van Binnenlandse Zaken namen van pas aangekomen Nederlanders in een groot boek schrijven. Om haar leven iets minder saai te maken mocht ze ‘s avonds op het dak van het ministerie wacht houden om tijdig vijandelijke vliegtuigen te signaleren.

Josepha Mendels

Ellis Brandon

Vol jaloezie keken de vrouwelijke Engelandvaarders dan ook naar de militaire korpsen die er voor Britse vrouwen waren. Eind 1941 was in Engeland ook voor vrouwen een dienstplicht ingesteld. Meer en meer stemmen gingen op om ook voor Nederlandse vrouwen een dienstplicht in te stellen. Niet alleen voor Engelandvaarders, maar ook voor vrouwen in de Verenigde Staten, Suriname en de Nederlandse Antillen. Toen Minister van Oorlog Van Lidth de Jeude een voorstel voor een dienstplicht voor vrouwen deed, werd dit in de ministerraad echter meteen afgeschoten: “Zo raken we al onze secretaresses en typistes kwijt”.

Uiteindelijk werd eind 1943 wel het Vrijwillig Vrouwen Hulpkorps opgericht (later VHK genoemd), voor humanitaire hulpverlening achter de frontlinie. Een Engelandvaarder als Rie Stokvis-Knapper kreeg bij dit korps een staffunctie. In die rol ging ze voor het korps vrouwen werven in de Antillen en Suriname, maar toen ze dat ook in de Verenigde Staten wilde doen, werd ze door haar eigen minister teruggefloten onder het motto “Zo is het wel genoeg”. Later werd zij adjudant van koningin Wilhelmina. Toen ze met de koningin was meegereisd naar het bevrijde Zuiden, moest ze onder andere voor serviesgoed zorgen voor het koninklijke onderkomen in Breda.

Rie knapper

Rie Stokvis-Knapper

Ze ging daarvoor naar familie in de buurt. De nu 91-jarige Nico Knapper zag haar als haar 10-jarig neefje langskomen. Als gast bij de lezing vertelt hij: “Ik weet niet of we het serviesgoed ooit hebben teruggekregen”.

Aan het eind van haar lezing ging Agnes nog in op wat vrouwelijke Engelandvaarders na de oorlog gingen doen. Zo verhuisde Rie Stokvis-Knapper naar Frankrijk, teleurgesteld over de ook door de Koningin gewenste staatkundige “vernieuwing”. Josepha Mendels ging door met schrijven en werd in 1985 als eerste geëerd met de Anna Bijns-prijs voor vrouwelijke auteurs. Ze was ook de eerste BOM-moeder.

Zo kwam een eind aan een boeiende lezing met veel anekdotes. En de conclusie dat vrouwelijke Engelandvaarders veel extra drempels over moesten om zich voor de geallieerde zaak nuttig te kunnen maken.

Terug naar nieuws

Lees ook

Meer nieuws
“Ordinary people, extraordinary courage” Nieuws

“Ordinary people, extraordinary courage”

Op 12 mei heeft Paul Bartelings, voorzitter van de Stichting Museum Engelandvaarders, een interview gehouden met de gerenommeerde Britse historica Kate Vigurs. Zij schreef onder meer twee boeken...

27 mei 2026

Ontdek meer in het museum

Deze verhalen komen tot leven in Noordwijk. Plan je bezoek en sta oog in oog met de geschiedenis van de Engelandvaarders.